Oude glorie: Ernest Faber
In dit artikel:
Ernest Faber, geboren op 27 augustus 1971 in Geldrop en opgegroeid in de Eindhovense wijk Strijp, is al sinds zijn jeugd nauw verbonden met PSV. Hij begon in 1977 bij VV DBS en stapte in 1984 op dertienjarige leeftijd over naar de PSV-jeugdopleiding. Hoewel hij aanvankelijk als spits en rechtsbuiten speelde, ontwikkelde hij zich later tot verdediger. Zijn familie steunde hem bij het combineren van school en voetbal; omdat hij dichtbij het Philips Stadion woonde, bleef hij thuis wonen en ging hij niet naar het internaat.
Na verhuurperiodes bij NEC Nijmegen en Sparta Rotterdam maakte Faber in 1992 zijn debuut voor PSV. Bij Sparta deed hij waardevolle ervaring op, waarna hij in Eindhoven definitief doorbrak. Hij won met PSV vier landstitels, één KNVB-beker en vier Johan Cruijff Schalen. Tot zijn opvallendste ervaringen behoren Europese wedstrijden tegen onder meer AC Milan, waarin hij Marco van Basten uitschakelde, en de teleurstellend verlopen titelstrijd van 1992-1993. Faber speelde ongeveer 160 competitiewedstrijden voor PSV, maar zijn loopbaan werd sterk beïnvloed door zware blessures. Dertien operaties en revalidaties, waaronder aan zijn achillespezen, enkels en knie, maakten hem naar eigen zeggen mentaal onverwoestbaar. Door zijn achillesblessures kwam hij slechts één keer uit voor het Nederlands elftal, als invaller tegen Mexico in 1998, en miste hij het WK van dat jaar. In 2004 werd hij op 32-jarige leeftijd afgekeurd voor het betaald voetbal.
Na zijn spelerscarrière rolde Faber onverwacht het trainersvak in. Hij werkte eerst binnen de PSV-jeugdopleiding en vervolgens bij FC Eindhoven, waar hij assistent, interim-trainer en hoofdtrainer was. In 2011 combineerde hij die functie met een rol als assistent van bondscoach Bert van Marwijk bij het Nederlands elftal. In 2012 keerde hij terug bij PSV als onderdeel van de technische staf. Samen met Phillip Cocu en Chris van der Weerden leidde hij PSV naar de KNVB-beker. Later was hij assistent van Dick Advocaat en nam hij in 2014 tijdelijk het hoofdtrainerschap over toen Cocu wegens ziekte uitviel.
Faber werd daarna hoofdtrainer van NEC Nijmegen, waarmee hij in 2015-2016 tiende werd. Ondanks een redelijk seizoen ontstond onrust rond de zaak-Christian Santos en zijn verhouding met directeur Bart van Ingen. FC Groningen nam zijn contract over en stelde hem in 2016 aan als hoofdtrainer. Daar leidde hij de club in zijn eerste seizoen naar de play-offs voor Europees voetbal. In zijn tweede jaar verslechterde de samenwerking door verschillen over voetbalvisie en topsportmentaliteit, waarna club en trainer in 2018 uit elkaar gingen.
In plaats van een aanbod van het Mexicaanse Pachuca koos Faber vervolgens voor een nieuwe rol bij PSV. Hij werd hoofd jeugdopleiding en tekende een contract tot 2023, met de ambitie om meer jeugdspelers naar het eerste elftal te laten doorstromen. Daarbij wilde PSV ook de begeleiding van jonge spelers verbeteren, onder meer met plannen voor een internaat of hotel op De Herdgang.
Na het vertrek van Mark van Bommel werd Faber eind 2019 interim-trainer van PSV. In een turbulente periode bracht hij volgens eigen zeggen weer rust in de selectie, totdat de coronacrisis het seizoen stillegde. Met de komst van Roger Schmidt keerde hij terug naar de jeugdopleiding. Faber benadrukt dat PSV als een rode draad door zijn leven loopt en dat hij zich wil blijven ontwikkelen, onder meer via de opleiding Hoofd Opleidingen Pro. Zowel als speler, trainer en opleidingshoofd geldt hij als een uitgesproken clubman van PSV.
Vandaag Inside: Samuel Welten heeft niet door dat camera al draait in In de Wandelgangen: 'Ooooh god!'